Luchtkwaliteit meten: hoe, waarom, wie?

Kunnen ‘smart meters’ helpen om de luchtkwaliteit in Brussel te verbeteren? Wat meten ze en wat is het nut om als burger de straat op te gaan? En welk apparaat kies je dan? Bral zoekt met experts naar antwoorden en werkt aan een strategie voor Brussel.

Goed en gezond kunnen ademen is voor vele burgers en leden van BRAL dé milieu-uitdaging in Brussel. Schone lucht is immers een basisrecht, voor ons en onze kinderen, voor onze buren en stadsgenoten, voor de pendelaars en de bezoekers van onze stad.

Weten we wel genoeg over de lucht die we inademen? We kunnen de cijfers bestuderen van het meetnet op gewestelijk niveau. Maar is dat voldoende om onze dagelijkse blootstelling aan vervuilde lucht te kunnen inschatten?  Een regionale, uitgemiddelde alarmwaarde laat niet zien dat in de straat waar we wonen of waar onze kinderen naar school gaan de polluenten zich lokaal opstapelen. Daarom willen wij als burgers ook zelf kunnen meten wat de staat van de lucht is in onze directe omgeving. Niet ter vervanging van het meetnet van Leefmilieu Brussel, maar er complementair aan.

In ons launching event van de BRAL-werking rond luchtkwaliteit toonden we de resultaten van de burgermetingen die we nu al doen, in het kader van het ExpAIR project met Leefmilieu Brussel. En we keken naar de toekomst, naar wat allemaal mogelijk wordt door gebruik te maken van smart technologies.

In en rond de piétonnier

Tijdens de avondsessie presenteerde BRAL de resultaten van burgermetingen voor en na het instellen van de Pietonnier in 2015.
Met deze metingen wilden BRAL en Leefmilieu Brussel nagaan of het verkeersvrij maken van de centrale lanen een invloed had op de luchtkwaliteit in het centrum van Brussel. De metingen gebeurden door bewoners – vrijwilligers vanuit BRAL. Ze liepen op verschillende momenten –vóór en na het instellen van de voetgangerszone - rond met een aethalometer. Dit mobiel meetapparaat registreert de aanwezigheid van Black Carbon (roetdeeltjes) in de lucht. Black Carbon is een erg betrouwbare indicator, ook voor andere vormen van luchtvervuiling zoals NOx, CO of PM2.5.

Uit deze metingen blijkt dat de invoering van de voetgangerszone ter plaatse het verwachte positieve effect heeft. Op de centrale lanen nam de concentratie aan roetdeeltjes in de lucht af met 60 à 70%. Net als op autoloze zondag stellen we een direct verband vast tussen de kwaliteit van de lucht die we inademen en de aan/afwezigheid van wagens.

De metingen zijn zeer waardevol: ze zijn eenduidig, extrapoleerbaar, en wetenschappelijk onderbouwd. Maar anderzijds is de meetapparatuur duur, is de verwerking van de resultaten tijdconsumerend, en zijn er onvoldoende toestellen en middelen om een real-time beeld te geven van de Brusselse lucht.

Maar anders dan op autoloze zondag is dit slechts een erg lokaal fenomeen. De metingen tonen dat op andere plaatsen de luchtkwaliteit erop achteruitgegaan is, voornamelijk langs het oostelijk deel van de “mini-ring” (bvb. Keizerslaan). We zien hier het effect van de verplaatsing van de verkeersstromen.

Daarnaast blijkt ook dat er niet genoeg meetresultaten zijn om tot een sluitende conclusie te komen voor alle plaatsen en straten. De metingen zijn zeer waardevol: ze zijn eenduidig, extrapoleerbaar, en wetenschappelijk onderbouwd. Maar anderzijds is de meetapparatuur duur, is de verwerking van de resultaten tijdconsumerend, en zijn er onvoldoende toestellen en middelen om een real-time beeld te geven van de Brusselse lucht. Bovendien krijgt de gebruiker geen directe feedback van het apparaat, wat het voor de gebruiker weinig aantrekkelijk maakt. BRAL pleit daarom om nieuwe, smart technieken een kans te geven, waarmee we het aantal resultaten kunnen opdrijven maar bovenal meer burgers kunnen sensibiliseren en mobiliseren.

Naar een luchtkwaliteit smart-meter?

Overal ter wereld poppen initiatieven op die met opensource smartmeters luchtkwaliteit meten. Deze toestellen zijn toegankelijk, makkelijk in gebruik en geven directe feedback aan de gebruiker.

Overheidsdiensten plaatsen evenwel vraagtekens bij de wetenschappelijke rigueur van deze toestellen. Tegelijk is diezelfde overheid vragende partij voor het inschakelen en sensibiliseren van burgers (cfr. Lucht – Klimaat – Energie plan). De vraag is echter of beide doelstellingen - wetenschappelijkheid én maximale participatie -  haalbaar zijn met de huidige meetinstrumenten. Eerder lijken ze te kort te schieten, en dat zowel met betrekking tot de wetenschappelijke doelstellingen (te weinig metingen om echt betrouwbaar te zijn), als wat betreft de participatieve doelstellingen (te weinig toegankelijk en interactief om echt te motiveren).  

We blijven geloven dat citizen science initiatieven complementair zijn aan de huidige ‘cold science’ aanpak. Exacte wetenschappelijke methoden blijven uiteraard noodzakelijk, maar burger-metingen gebaseerd op smart technologies geven het een extra democratisch en empowerend piment.

Vanuit deze vaststelling bracht BRAL verschillende initiatieven samen die vanuit een citizen science benadering werken rond participatief meten van luchtkwaliteit. We vroegen hen na te denken over “the best of both worlds”. Welke complementariteit kan er zijn tussen de noden van overheidsdiensten zoals Leefmilieu Brussel om betrouwbare absolute waarden in hun rapportage weer te geven, en de doelstelling van brede participatie en sensibilisering van de initiatieven die real time data verzamelen en breed verspreiden?

In de zaal zaten verder nog verschillende fablabs (ateliers die met burgers technologieën ontwikkelen), administraties, burgers en wetenschappers met een concrete interesse in de problematiek. Met de presentaties als insteek gaf dit aanleiding tot een verlichtend, en inspirerend debat.

Conclusies

Onderzoekers van SMIT–VUB zorgden voor de conclusies. Er bestaat een veelheid van initiatieven. Meestal slagen die initiatieven er in om meeste partners rond tafel brengen. Dat is op zich zeer positief. Wel is er nood aan transparantie rond verwachtingen van al die partners. De wetenschappelijkheid van de resultaten is vaak nog een struikelsteen, zeker als gaat om extrapoleren en uitzetten van persoonlijke metingen. Maar duidelijke afspraken en ambities kunnen hier al een en ander verhelpen. Langs de andere kant moeten hoge drempels tot burger-metingen vermeden worden. Want de burger heeft wel degelijk vragen, en persoonlijke metingen creëren draagvlak voor maatregelen, zetten aan tot gedragsverandering, en voeden het politiek bewustzijn.

BRAL zal op deze resultaten verder bouwen om burgerinitiatieven rond ontwikkeling van smart meters te ondersteunen, en tevens andere groepen die willen testen met deze apparaten te begeleiden. 

BRAL zal op deze resultaten verder bouwen om burger-initiatieven rond ontwikkeling van smart meters te ondersteunen, en tevens andere groepen die willen testen met deze apparaten te begeleiden. Voor ons was dit een beginpunt van nog meer participatieve luchtkwaliteit metingen. We blijven geloven dat citizen science initiatieven complementair zijn aan de huidige ‘cold science’ aanpak. Exacte wetenschappelijke methoden blijven uiteraard noodzakelijk, maar burger-metingen gebaseerd op smart technologies geven het een extra democratisch en empowerend piment.