De ring rond Brussel: light moet echt light zijn

De plannen voor de Brusselse ring gaan een nieuwe fase in. Tijdens de lopende inspraakprocedure liggen er in een ‘scopingsnota’ drie alternatieven op tafel. Een ‘light-scenario’, een scenario met extra parallelwegen en een scenario dat een mix is van die twee. Zoals beloofd, geven we onze visie op de drie scenario’s. Reageer ook op het openbaar onderzoek! Alle info om te reageren vind je hier.

In essentie is onze reactie heel eenvoudig: enkel een light-scenario zonder extra rijstroken is aanvaardbaar. De term ‘light scenario’ is lichtjes (pun intended ;) bedrieglijk want ook in dit scenario zijn er varianten waarin er bv aan Laarbeekbos in extra rijstroken wordt voorzien (van 2x3 naar 2x4). 

Door geen extra rijstroken aan te leggen, blijft de groei van het verkeer onder controle, blijft de luchtvervuiling beperkt en de klimaatimpact kleiner. Door de op- en afritten te verbeteren of te beperken, verbetert de verkeersveiligheid en wordt sluipverkeer tegengegaan. De op- en afritten liggen op de Brusselse ring heel dicht bij elkaar, waardoor het verkeer zeer vaak moet in- en uitvoegen. Het beperken van die op- en afritten zou de verkeersveiligheid en de ‘leesbaarheid’ van de ring sterk verhogen.

Als er daarentegen wel extra rijstroken worden aangelegd, zullen die extra autoverkeer aantrekken, waardoor de luchtvervuiling en de klimaatimpact zullen toenemen. Zo dreigt er bijvoorbeeld te veel stikstof neer te komen in beschermde natuurgebieden zoals het Laarbeekbos.

Ambitieuze modal shift vraagt om slimme kilometerheffing

De keuze voor een echt light scenario - een ‘optimalisatie’ van de huidige situatie- impliceert volgens de scopingsnota zelf– 26% autoverkeer. Fietspaden en Brabantnet zullen niet voldoen. Een slimme kilometerheffing zorgt voor 20% minder autoverkeer op de ring en de aansluitende snelwegen en ook voor minder sluipverkeer op het onderliggende wegennet. Kortom die dring zich op. De Brusselse regering zette al een eerste stap naar rekeningrijden met SmartMove, we moedigen de Vlaamse regering aan om dezelfde weg in te slaan.

Varianten met minder rijstroken terug opnemen

In een vorige fase van het planproces werden ook varianten bestudeerd met minder rijstroken. Die worden nu een beetje gemakzuchtig afgevoerd. Nochtans worden enkel in Zaventem de varianten met de kleinste wegbreedte uitgesloten (Scopingsnota v2, p. 182).  Bijvoorbeeld omwille van de negatieve impact die ze zouden hebben op sluipverkeer.

Het analysekader waarbinnen de varianten met minder rijstroken van de hand werden gewezen roept ook vragen op. Het lijkt erop dat men zelf niet gelooft in een ambitieuze modal shift en zich bij voorbaat neerlegt bij een status quo of een toename van het wegverkeer.  Business as usual kortom.  BRAL vzw wenst dan ook dat de varianten opnieuw worden beoordeeld. En dat daarbij rekening gehouden wordt met de meest ambitieuze scenario's en maatregelen van de Brusselse en Vlaamse mobiliteitsplannen én de effecten op verkeer en milieu over langere periodes, in overeenstemming met de levensduur van de infrastructuur.

Het zwarte gat genaamd NEO

Er is een zwart gat in deze nota: alles rond de ontsluiting van NEO/parking C/het voetbalstadion. Hiervoor wordt verwezen naar het gezamenlijke werk van Brussel en Vlaanderen dat nog volop bezig is. We juichen toe dat beide gewesten overleggen. De studies zijn nog volop bezig dus we kunnen niet vooruitlopen op de conclusies. Het verontrust ons ten zeerste dat er bij het bestuderen en uittekenen van de plannen wordt uitgegaan van de komst van NEO 1, zijnde de mall of Europe. Wij vragen dat er een variant wordt bestudeerd zonder winkelcentrum van 92.000 m2 en bijbehorende mobiliteits- en verkeersellende. En natuurlijk dat in een volgende fase deze variant gekozen wordt om te realiseren.

70 km/u

BRAL staat positief tegenover het voorstel at de snelheid naar 70 km/u zou worden gebracht. Dit is een quick-win wat doorstroming betreft.

Fiets en openbaar vervoer centraal

We zijn ook tevreden dat er ingezet wordt op extra fietsverbindingen en drie nieuwe tramlijnen, los van het scenario dat voor de ring zelf gekozen wordt.

Grondig onderzoek naar effecten op milieu en natuur

Het belangrijk dat de effecten van verkeer op milieu en natuur terdege worden onderzocht. Hoe zal het teveel aan stikstof - waarvan verkeer een belangrijke bron is - in beschermde natuurgebieden worden aangepakt? Kunnen de ecoducten over de ring robuuster worden? Hoe kunnen de gezondheidsdoelstellingen van de WHO voor fijnstof worden gehaald? Dit moet goed onderzocht worden in het milieueffectenrapport (MER).

Aanzuigeffect

Nu we het toch over het MER hebben. Er zijn genoeg studies die aantonen dat het toevoegen van wegcapaciteit aan routes met een zware verkeersbelasting gewoon tot meer verkeer en een nieuwe verzadiging leiden. Wat ook weer zijn impact heeft op het onderliggende wegennet. We vragen dat het ‘aanzuigeffect’ expliciet wordt in rekening gebracht in het MER.

Steyn Van Assche