Mais oui mais oui Paris ! Deel 3 : een nieuw klimaatplan

Parijs blinkt uit met zijn maatregelen voor het klimaat en duurzame ontwikkeling. Terwijl onze Minister belast met Klimaattransitie een Klimaatplan opstelt voor Brussel, maakten wij alvast een verslag van het Klimaatplan van Parijs, dat we konden ontdekken tijdens onze reis in februari.

Grote ambities en een mooie transversaliteit

Om te beginnen dankt dit plan zijn geloofwaardigheid deels aan de grote transversaliteit tussen de verschillende bestuursinstanties. Parijs is erin geslaagd tot een sterke visie te komen, waarvan wij weten dat die hier enkel kan ontstaan als de verschillende diensten en activiteitensectoren – bijvoorbeeld gelinkt aan de mobiliteit, stedenbouw, energie, biodiversiteit en huisvesting – nauw samenwerken. Alle acties en plannen van die instanties zijn ondergeschikt aan het Klimaatplan, dat ambitieuze eisen stelt. Een speerpunt van het ruimtelijkeordeningsbeleid zijn de Zones van Aanleg in Overleg (Zones d’Aménagement Concerté of ZAC, lees daarover ook deel 1 van onze trilogie over Parijs) die door het gemeentebestuur van Parijs gezien worden als ‘vitrines’ voor de uitvoering van het Klimaatplan. Was dat ook maar het geval met onze Brusselse richtplannen van aanleg!

Parijs ziet de Zones van Aanleg in Overleg als vitrine voor de uitvoering van het Klimaatplan. Was dat ook maar het geval met onze Brusselse richtplannen van aanleg!

Duidelijke doelstellingen per activiteitensector

Het Klimaatplan zet de stad op weg naar een koolstofarm Parijs in 2050 met doelstellingen voor iedere activiteitensector. In Brussel is dat niet het geval. Nochtans zou iedere sector dan duidelijk kunnen communiceren over zijn doelen en een verband kunnen leggen met de bijdrage van andere sectoren. De grafische communicatie die sterk aanwezig is in Parijs bevordert het werk bovendien.

Vliegtuigen en indirecte emissies opgenomen in de berekening

Een ander voordeel is dat alle emissies van deze sectoren gebundeld worden in een koolstofafdruk, namelijk de directe en indirecte emissies van broeikasgassen. Ook de emissies van buiten Parijs zoals die van vliegtuigen of de voedselproductie voor de consumptie van de Parijzenaars wordt meegerekend.

Ook andere aspecten doen ons dromen

We stellen vast dat er een uitgebreide volksraadpleging was en dat bedrijven betrokken werden. Er werden bovendien een aantal opmerkelijke doelen geformuleerd:

  • 40% van de oppervlakte doorlaatbaar maken en beplanten tegen 2050,
  • 20.000 bomen en 50 nieuwe watergebieden toevoegen tegen 2030,
  • minstens 300 eilandjes en koeltetrajecten openen tegen 2030 (dus één koelte-eiland op minder dan 7 minuten voor alle Parijzenaars),
  • 100% hernieuwbare energie gebruiken tegen 2050,
  • en diesel (tegen 2024) en benzine (tegen 2030) definitief bannen in een ‘100% fietsstad’. Lees ook ons vorige verslag “Ça bouge à Paris !?”.

Evalueren

Die torenhoge ambities zorgden uiteraard voor bewondering, nieuwsgierigheid en vragen bij onze Brusselse delegatie.

Voor de energieproductie bijvoorbeeld. Wat zullen de concrete financiële gevolgen zijn van deze energietransitie? Elektrische wagens maken namelijk deel uit van het mobiliteitsplan, maar Frankrijk steunt vandaag voornamelijk op energie uit kerncentrales.

Het is ook nog niet altijd even duidelijk hoe men bepaalde doelstellingen effectief wil realiseren. De Parijzenaren moeten binnen iedere sector de acties soms nog in detail concretiseren. Daar zal men mogelijks wel eens op een muur botsen of een verkeerde keuze maken. Wat niet erg hoeft te zijn. ’t Is wel belangrijk dat ze al die verschillende luiken transparant evalueren. Zo kunnen ze bijtijds bijsturen. En het overzicht moet bewaard blijven. Dat vraagt een sterke coördinatie tussen alle betrokken diensten én een instantie die met gezag het strategisch overzicht bewaart.

Terug naar Brussel

En wat leerden we voor Brussel, nu het Brusselse Klimaatplan eraan komt? We hopen dat Brussel, naar Parijs’ voorbeeld, voor een plan zal zorgen dat én gezag uitstraalt én transversaal is én goed gemonitord wordt. Iedereen zal mee in het bad moeten, willen we de klimaatuitdaging het hoofd bieden.

Dat betekent iedereen– burgers, politici, bedrijven en instanties – sensibiliseren, warm maken en helpen om bij te dragen aan de collectieve inspanning om radicaal te breken met hun gewoontes. Geen sinecure. Het is aan de overheid om een transversaal actieplan met indicatoren op te stellen en het werk van de actoren transparant te evalueren.

We hoeven als Brussel niet te wachten op Parijse details om zoiets te organiseren. Het is aan Brussel om haar eigen antwoorden te zoeken én te vinden en onze stad klaar te stomen voor een klimaatbestendige toekomst.

Marie Couteaux