BXL Plant II - The new kid on the block: urban.brussels

Urban Brussels is de flashy naam voor ‘Brussel Stedenbouw en Erfgoed’. Sinds 1 april 2017 (geen grap) neemt deze administratie de bevoegdheden inzake stedenbouw, erfgoed en stadsvernieuwing over van ‘Brussel Stedelijke Ontwikkeling’. Net als Perspective staan ze onder directe voogdij van de Minister-President.

De andere erfgenaam van Brussel Stedelijke Ontwikkeling, de administratie ‘Brussel Huisvesting’ moet genoegen nemen met bevoegdheden inzake huisvesting. Smells like ouderwetse machtspolitiek.

In tegenstelling tot de vorige hervormingen worden er hier dus geen diensten samengevoegd onder de vlag van beter bestuur maar wordt er een extra instelling in het leven geroepen.

Urban.brussels is duidelijk de derde stevige tak van onze nieuwe planningsboom, naast Perspective en de Maatschappij voor Stedelijke Inrichting. Misschien minder sexy maar zeer belangrijk. Zij leveren namelijk vergunningen af en ze bepalen mee waarin de promotoren hun stedenbouwkundige lasten, een soort belasting op de overlast van een project op de wijk, moeten investeren.

De bevoegdheden van Perspective.Brussels en Urban.Brussels zijn nauw verweven. Wanneer Perspective plannen maakt om de ontwikkeling van een gebied te sturen, moet Urban.brussels dat mee omzetten in de praktijk. Dat veronderstelt dat de eigenlijke vergunningen en de stedenbouwkundige lasten de visie van dat plan volgen. Ook het stadsvernieuwingsbeleid, met o.a. de stadsvernieuwingscontracten, en de Richtplannen van Aanleg voor de strategische zones zijn sterk gelinkt. Een goede samenwerking tussen Perspective en Urban.Brussels is dan ook zeer belangrijk. En je raadt het al: die samenwerking verloopt lang niet altijd soepel. Nergens wordt ook duidelijk vermeld hoe de diensten moeten samenwerken. Als erfgenaam van de administratie die vroeger de vergunningen verleende, is Urban.brussels gewoon om onafhankelijk te werken en zelf te onderhandelen met de promotoren die een vergunning aanvragen. Dat is belangrijk omdat erg veel promotoren afwijken van de regels en een uitzondering vragen, volgens het bekende Brusselse procédé: men vraagt meer dan wat mag, er wordt onderhandeld met de administratie en meestal eindigt men ergens tussenin. Ook op vlak van de stedenbouwkundige lasten, waar Urban.brussels vaak mee over beslist, zien we datzelfde mechanisme: onduidelijke regels en gemarchandeer.

Een pijnlijk voorbeeld van hoe het niet moet, zagen we aan Thurn & Taxis. Het Richtschema voor dat belangrijke gebied voorzag ook betaalbare woningen. En die kunnen gerealiseerd worden via stedenbouwkundige lasten. Quod non. De stedenbouwkundige lasten gaan nu onder meer naar wegen en een trap. Best wel nuttige dingen maar van de diversiteit van het woningpark op Thurn & Taxis komt op die manier niets in huis.

Er is dus een zekere spanning tussen de pragmatische, geval per geval bekijkende vergunningslogica van Urban.brussels en de planmatige, gebiedsgerichte aanpak van Perspective.Brussels. 

Steyn Van Assche